28 Feb 2019

Costa Rica deel 7 (slot)

Voor het laatste deel van onze reis trekken we weer de bergen in. Ons doel is San Gerardo de Dota, een klein dorpje op zo'n 2200 meter hoogte in het Los Quetzales National Park. Er zit maar één lastig stukje in de route: de stad San Isidro. Daar moeten we doorheen om op de Pan American Highway uit te komen, die ons het gebergte in zal voeren. We besluiten hiervoor toch nog een keer maps.me te gebruiken. Weliswaar zijn we tot nu toe behoorlijk teleurgesteld door de app, maar iedereen verdient een tweede kans. Of een derde. In mijn onderwijscarriere was dit een nobel uitgangspunt, maar voor navigatiesoftware pleit ik inmiddels voor een zero-tolerance beleid. Met vriendelijke stem leidt de app ons door de stad en er tekent zich op het scherm van de telefoon een heldere route af, richting highway. Naarmate we verder rijden vinden we deze helderheid niet meer terug op de weg zelf. Die wordt allengs smaller en het asfalt, dat eerst alleen nog wat scheuren vertoonde verdwijnt opeens volledig. De steile berghellingen, waar de app ons vol overtuiging overheen stuurt, eisen steeds meer van ons bescheiden autootje en diepe afgronden vragen grijnzend om een stuurfout. Met wat gebarentaal en een enkel Spaans woord vragen we een  'local' of deze route inderdaad naar de highway voert. 'Si'  verzekert hij ons en steekt 4 vingers de lucht in, om aan te duiden dat wij dan wel een 4 wheel drive nodig hebben. Of hij geeft aan hoeveel toeristen het laatste jaar bij deze poging zijn omgekomen, dat is ons niet helemaal duidelijk. Op het moment dat de uitzichten echt adembenemend worden, geeft ons Toyotaatje ( wel een 4x4 overigens) het plotseling op. Geen power genoeg om het stijgingspercentage aan te kunnen. Gelukkig werkt de handrem naar behoren en blijven we wel staan. Heeeeeel voorzichtig achteruit is de enige optie. Een eindje verder kunnen we met enig beleid draaien en beginnen we aan de lange afdaling terug naar San Isidro. Daar vinden we op eigen initiatief de juiste route. We verwijderen elk spoor van de app in onze telefoon.


                               

Via onze reisorganisator hebben we voor de volgende ochtend een 'Quetzal tour' geboekt. Weliswaar hebben we die inmiddels prachtige gezien in Monteverde, maar dat wisten we toen uiteraard nog niet. En zo'n mooie vogel willen we best nog een keer zien. Dan moeten we wel om 5 uur op, want dat doet de Quetzal ook. Samen met een sympathiek Canadees echtpaar melden we ons bij de gids. Wij gaan er van uit dat we met z'n vijven de hellingen op gaan wandelen, op zoek naar de mythische vogel en andere kleurrijke bewoners. Dat is niet helemaal hoe een Quetzal tour gaat. We parkeren de auto ergens aan de kant van het weggetje en blijven, gewapend met telescoop en verrekijkers op een strategisch punt staan om naar de helling aan de overkant te turen. Daar zullen de eerste Quetzals zich hopelijk laten zien en later mogelijk ook aan onze kant, waar ze de avocadobomen opzoeken. Dit vast ritme is bij alle gidsen bekend en al spoedig staan er dan ook zo'n vijftig fanatici te kleumen in de ochtendkou. Eén van de gidsen krijgt op zijn mobiel de mededeling dat er even verderop een Quetzal is gesignaleerd en haastig worden telescopen, statieven, wandelstokken en partners opgepakt en de hele meute haast zich naar het aangegeven punt. Daar wordt inderdaad een glimp van de vogel opgevangen, tussen het dichte gebladerte. Onze gids probeert zijn statief met telescoop zo gunstig mogelijk voor ons op te stellen en wenkt ons dringend.' Come, have look, quick!' Wij kunnen het niet over ons hart verkrijgen om hem teleur te stellen en worstelen ons door de menigte heen om een blik te werpen. Terwijl iedereen naar de twee zichtbare veren van de Quetzal kijkt, fotografeer ik de 'Black Guan' op de helling. Prachtig te zien en bijna even zeldzaam. Het is echter geen Guan tour, dus verder heeft niemand belangstelling.

Black Guan

Op onze laatste middag in Costa Rica nemen we afscheid van de kolibries. Dat doen we in Batsu Gatden, een speciaal aangelegde tuin op een berghelling , waar je vanaf een overdekt terras uitzicht hebt op voederplaatjes voor verschillende vogelsoorten. Overdekt is geen overbodige luxe, want na een half uur begint het te regenen en te onweren. Daar hebben de miniscule kolibries minder last van dan je zou denken. Ze lijken klein genoeg om te worden weggespoeld door een paar flinke druppels, maar ze houden zich dapper staande en blijven op korte afstand langs ons heen zoeven. Ze hebben er al evenmin moeite mee dat we na een paar uur definitief vertrekken. Wij wel.

Acorn Woodpecker

Silver-throated Tanager

White-throated Mountain Gem (female)

Lesser Violetear

Scintillant Hummingbird

White-throated Mountain Gem (male)



26 Feb 2019

Costa Rica deel 6. Uvita

Nog verder naar het zuiden langs de Pacifische kust ligt het plaatsje Uvita. Daar hebben wij ons volgende verblijf geboekt, in een 'tented camp'. Het oude kampeergevoel komt weer even boven. Gelukkig wel aangevuld met een inpandige badkamer met douche en toilet, een ruim tweepersoonsbed, een ventilator en een veranda met uitzicht op de beboste helling. Tentstokken of haringen zijn in geen velden of wegen te bekennen. 'Welcome guys' zegt de opgewekte jongeman bij de receptie. 'Where are you guys from?' The guys are from Holland. Hij toont ons het terrein, het zwembad en het restaurantje, waar de kampeerders 's avonds terecht kunnen voor een drie-gangen maaltijd. Omdat we ons campinggasstelletje niet hebben meegenomen, maken we daar maar gebruik van. Een groot deel van de gebruikte ingredienten komt van het terrein zelf en het eten is verrassend lekker. 'What would you guys like to drink?' Ah, daar is hij weer. Multifunctioneel personeel.



Voor de volgende dag hebben wij een boottocht besproken op de Sierpe rivier. Om 6 uur 's ochtends, want dat is het beste moment van de dag om vogels te zien. Aangezien het een uur rijden is, vertrekken wij om vijf uur vanuit Uvita. Over vroege vogels gesproken. Wij zijn de enige twee passagiers op het kleine bootje waarmee we de mangroves van Sierpe gaan verkennen. Kenneth is onze gids en kapitein. Merkwaardig genoeg zijn de vier stoeltjes niet in de vaarrichting van de boot geplaatst. In plaats van uitzicht te hebben op de rivier voor ons, kijken wij dus elkaar aan. Uit relatie-therapeutisch oogpunt een logische keuze, maar voor het vogels kijken moeten wij onze nek steeds in een ongemakkelijke positie draaien. Het dakje boven de boot helpt daar ook niet bij. Gelukkig duurt de nekkramp steeds maar kort, want Kenneth heeft er een flink tempo in. Hij heeft zelf geen last van het dak en roept steeds ongeduldig: 'There, you don't see it? Right at the top of the tree. Look!' Als ik hem dan eindelijk gespot heb en een poging wil doen een foto te nemen, heeft hij de boot alweer gestart, op zoek naar een volgend groen zangertje in de boomtoppen. De apen onderweg zie ik in elk geval wel. Squirrel monkeys, de kleinste aapjes van Costa Rica. Ik mag zelfs even een foto proberen. De twee uur vliegen om. Kenneth heeft er een tevreden gevoel over en wij zijn blij voor hem.



Terug bij in Uvita maken wij ook kennis met Steve, de eigenaar van het landgoed. Hij is vijf jaar geleden uit Miami hierheen gekomen om deze glamping envlave op te starten en loopt nog steeds over van enthousiasme. Zijn manier om een gesprek af te sluiten is je een ferme handdruk te geven, maar hij is zo'n intense prater dat hij daarna weer gewoon verder gaat met een volgend onderwerp. Zo sta ik al gauw een half uurtje al handen schuddend en knikkend met hem het leven in Costa Rica door te nemen. Hij heeft een nooit aflatende energie. Deze dagen is hij tussen de bedrijven door een heel weekprogramma aan het regelen voor een groepje Duitse vrouwen, die met elkaar op pad zijn. Vandaag hebben ze een yoga sessie op de overdekte houten vloer op het terrein. Zo te horen kan yoga ook heel leuk zijn. Het hoeft niet allemaal meditatief. Wij zoeken de retraite op onze eigen veranda. 








24 Feb 2019

Costa Rica deel 5 Macaw Lodge

Wij dalen weer af uit de nevelwouden van Monteverde en rijden langs de kust naar het zuiden. De weg biedt af en toe fraaie uitzichten op de Stille Oceaan en al na een paar uur naderen wij onze volgende bestemming. Weliswaar hebben wij de weerbarstige navigatie app, maps.me weer opgestart, maar voornamelijk om te kunnen lachen om de onmogelijke afslagen, die hij ons probeert op te dringen. Daarover in een latere blog nog meer leuke ervaringen. Nee, wij raadplegen onze uitgeprinte routebeschrijving, verschaft door ons lokale reisagentschap en die vertelt ons dat we, vlak voor de beroemde brug over de Tarcoles rivier, linksaf moeten slaan om onze lodge te bereiken. De aantrekkingskracht van de brug bestaat uit de grote krokodillen, die op de oevers liggen te wachten op de trek van de gnoe. De kans daarop is niet heel groot in Costa Rica. Maar krokodillen zijn geduldig.
We speuren voor de brug hoopvol naar een afslag, maar die blijkt uiteindelijk pas een paar kilometer verderop te zijn. Ach, een routebeschrijving.me mag  ook een foutje maken.





Ons onderkomen heeft de beloftevolle naam : Macaw Lodge, genoemd naar de Scarlet Macaw, de Rode Ara, een grote, kleurrijke papegaai, die net als de Quetzal een bijna mytische naam heeft hier. Die moet je als toerist te zien krijgen. 
We krijgen een fraai huisje toegewezen, met uitzicht op een bosmeertje. Idyllisch in vele opzichten. De enige dissonant wordt gevormd door de cicades, hele dag een oorverdovend concert door het bos schetteren. We kennen ze nog wel van onze zomers in Zui-Frankrijk, maar deze lokale variant heeft een dusdanig volume, dat gehoorschade een reele dreiging is. Voor degenen, die nog over een goed gehoor beschikken althans. 
De volgende middag arriveert een busje vol Taiwanezen, gewapend met torenhoge statieven en enorme telelenzen. Op onze wandeling door de uitgestrekte tuinen van de lodge komen wij er af en toe één tegen, haast bezwijkend onde de last, maar vastbesloten de ultime foto van de Tanager of Kolibrie te maken.






Een uurtje later, op het terras is er plotseling grote opwinding: Scarlet Macaws! Meteen wordt het geschut in stelling gebracht en de Canon toestellen ratelen bijna even snel als de Taiwanezen zelf. De vogels vliegen op en komen prachtig voor de lodge langs om verderop in de bossen te verdwijnen. Zo snel mogelijk proberen de fotografen de statieven los te schroeven, te zwenken en de lens te richten op de langsvliegende Macaws. Eén van de aanwezigen, toevallig uw blogschrijver fotografeert altijd zonder statief en draait moeiteloos mee met de rode modellen. 





19 Feb 2019

Costa Rica deel 4: de Pacifische kust en Monteverde

Wij brengen een paar relaxte dagen door in Samara, een plaatsje op het Nicoya schiereiland. Volgens de reisbeschrijving een nog onondekt pareltje aan de Pacifische kust. De ruime aantallen toeristen, die wij er aantreffen hebben dit ook gelezen en zijn massaal op ontdekkingstocht gegaan. Met succes. Dat klinkt erger dan het is. Samara maakt nog steeds de indruk een kleinschalig, vriendelijk dorpje te zijn en op onze wandelingen langs het strand komen we komen we slechts af en toe iemand tegen.




Na drie dagen voeren we Monteverde in op onze routeplanner en trekken weer richting binnenland. We gebruiken de Maps.me app, die over het algemeen betrouwbare aanwijzingen geeft. Zo niet in Costa Rica. Regelmatig klinkt er dringend 'turn right' vanuit de telefoon, op momenten dat er slechts ondoordringbaar bos langs de weg te zien is. Als wij deze aanwijzing negeren, moeten we vervolgens een half uur lang 'U' turns maken om ons alsnog met onze huurauto het regenwoud in te begeven. Als wij ook hier geen gehoor aangeven berekent de app mopperend een nieuwe route, doorspekt met allerlei ondoorgrondelijke 'shortcuts' en geen enkele garantie dat de uiteindelijke bestemming overeenkomt met de door ons geboekte accommodatie. Gelukkig hebben wij als backup de routebeschrijving van onze reisorganisator, die simpelweg aangeeft: rijd een half uurtje naar het noord-oosten, sla linksaf vlak voor de brug en volg dan de borden Santa Elena. Het noord-oosten kunnen we wel bepalen, de weg linksaf is vlak na de brug in plaats van er voor en nergens is een bordje Santa Elena te bekennen. In combinatie met onze onvolprezen maps.me app vinden we dan ook probleemloos de juiste route. Op onze, andermaal prachtige, locatie aangekomen neemt een vriendelijke jongeman aan de hand van een stapel folders, alle activiteiten door, die we niet gaan doen. We trekken ons eigen plan. 



De volgende ochtend bezoeken wij het zogenaamde 'Hummingbird Café' vlak bij de ingang van het Monteverde National Park. Behalve heel behoorlijke koffie hebben ze daar ook een aantal 'feeders' waarop een groot aantal kolibries afkomt. Toch zijn ze in de minderheid vergeleken met het aantal bezoekers. Steeds weer komt er een groep met gids naar het terras, die, na een wandeltocht in het reservaat, ook nog even kolibries wil scoren. Wij blijven echter zo lang daar hangen dat de drukte uiteindelijk voorbij is. We slagen er in 9 verschillende kolibriesoorten te zien. Fotograferen is, zowel door de vele bezoekers als de schaduw van het geboomte, heel lastig. Maar niet onmogelijk.

.



De dag daarna hebben we een afspraak met een gids, Jorge, die ons zo'n 7 uur lang meeneemt naar allerlei bijzondere plekken, waaronder de afgelegen boerderij van zijn oma. Daar maken we kennis met een heel arsenaal aan ooms, allemaal even vriendelijk en allemaal met grote zorg voor de natuur. We gaan er van uit dat oma ook nog leeft, maar bewijs daarvoor krijgen we niet. We sluiten de dag met Jorge af in het eerder genoemde reservaat. We betalen 22 dollar toegang per persoon om daar rond te mogen wandelen. Ofwel 14000 colones, maar dat klinkt helemaal buitensporig. Al spoedig slaagt onze gids er in ons de meest begeerde vogelsoort van Costa Rica te laten zien: de Quetzal. Zelfs drie exemplaren, waarbij het glorieuze mannetje met de onwaarschijnlijk lange staart. Ademloos staan wij hier geruime tijd te kijken. Daarna zegt Jorge onverwacht dat hij nog een andere afspraak heeft en dus terug moet. Wij kunnen eventueel nog in het park blijven en dan met de bus terug naar ons hotel. Voor ons is het echter na 7 uur ook wel mooi en we gaan met hem mee. Voor een half uurtje in het reservaat is de prijs wel stevig, maar gelukkig hebben we de foto's nog....




9 Feb 2019

Costa Rica deel 3. Naar het noorden

Nog verder naar het noorden ligt het natuurreservaat Cano Negro. Niet heel ver in kilometers, maar ook hier maken de hobbelige zandwegen een strak tijdschema onmogelijk. Dat hebben we dan ook niet en de derde versnelling wordt slechts sporadisch gebruikt. De twee hoogste krijgen een volledige rustdag. Het regenwoud is verdwenen en vervangen door ananasvelden en grasland. Bij ons hotel aangekomen worden we verwelkomd door een enthousiaste Duitse jongeman, die in het kader van één of andere vage management studie een aantal maanden de dagelijkse gang van zaken runt. En met verve. Wij hebben voor de volgende dag een boottocht geboekt en hij biedt aan mee te gaan. Als vertaler en gids. Wij kijken hem verbaasd aan. Om 6 uur  ' s ochtends? 'Part of my job' zegt hij opgewekt. En zijn aanwezigheid is goud waard. Alonso, de feitelijke gids, is een uitstekend vogelkenner, maar zijn Engels beperkt zich tot de vogelnamen, die dankzij zijn Spaanse accent een nog exotischer tintje krijgen. De boottocht begint overigens met een bijna prehistorisch toneel. Een kaaiman heeft een forse leguaan gegrepen, die ongestoord de rivier dacht over te zwemmen. Zijn kop zit vastgeklemd tussen de kaken van de kaaiman en de tijd van tegenspartelen is kennelijk al voorbij. 



Wat vogels betreft blijkt deze 3 uur durende vaarroute een even groot succes als 9 jaar geleden. Onze Duitse tolk heeft in de paar maanden dat hij hier is al verrassend veel kennis van de lokale avifauna opgedaan. Soms wordt hij echter met een welwillende glimlach door Alonso gecorrigeerd. Not Snowy Egret, but Little Blue Egret. Geërgerd slaat de jongeman zich dan voor het hoofd. 'Of course, I should have known. The legs. Ah, the same mistake again.' Die komt er wel!


 Na drie dagen gaan we door naar Finca Verde in Bijagua. Een kleinschalige accommodatie, waar kennelijk 'organic farming' bedreven wordt. Je kunt er, zoals op elke lokatie, een aantal activiteiten boeken, zoals een 2 uur durende educatieve wandeling door de plantages van de boerderij en het omringende bos. Dat blijkt een lucratieve onderneming. Om de haverklap trekt een groepje argeloze toeristen voorbij, vooraf gegaan door een zich enthousiast voordoende gids met telescoop. Halverwege wordt dan nog even de tamme Boa Constrictor wakker gemaakt en bewondert het groepje de vlinders in de overdekte vlindertuin. Dezelfde soorten vliegen een paar meter verder gewoon in het wild tussen de bloemen, maar dat is natuurlijk weinig educatief. Als wij zelf op pad zijn en we komen de excursie tegen, heeft de gids altijd een grap paraat. ' Did you find the Jaguar? ' doet het altijd goed. Mijn antwoord: ' Yes I caught it and locked it in the cabin' is niet helemaal de bedoeling. Er is er maar één, die hier de grapjes maakt.  De wandeling van de groep eindigt bij het restaurantje en vaak kan daar nog even omhoog getuurd naar een luiaard. Een mannetje en een vrouwtje houden zich daar regelmatig op en het vrouwtje heeft zelfs twee jongen bij zich. Eén draagt ze mee op haar buik en de ander hangt zelfstandig wat rond aan de takken. Duidelijk een hangjongere. ' Doe rustig aan buiten hè? Niet gaan rennen' heeft zijn moeder nog gezegd. En daar houdt hij zich voorbeeldig aan.















6 Feb 2019

Costa Rica deel 2, Boca Tapada

Met enige weemoed nemen wij afscheid van Selva Verde. De oranje armbandjes mogen af en dat voelt toch, alsof we een stukje houvast inleveren. We krijgen een 'big hug' van Dave, onze nieuwe Amerikaanse vriend uit Denver. Hij is een fanatieke vogelaar en fotograaf en is er al diverse malen op uit geweest met lokale gidsen. En met ons. Weliswaar is zijn echtgenote ook aanwezig, maar het contact tussen hen beiden beperkt zich tot het ontbijt 's-ochtends en het tanden poetsen 's-avonds. Een bestendige relatie.




Maar goed, wij gaan op weg naar Boca Tapada, verder het naar het noorden, tot dicht bij de grens van Nicaragua. We zijn al gewaarschuwd dat de laatste 20 kilometer van de weg niet in optimale conditie is. Dat klopt. Onze Toyota Rush krijgt het zwaar te verduren, maar in het besef van de all-risk verzekering, crossen wij glimlachend door de kuilen. 
Bij de lodge worden we welkom geheten door Kurt, de Duitse eigenaar. Hij geeft ons over in de vertrouwde handen van de 'second-in-command', Adolfo. Of dat zijn echte naam is, weten we niet. Het kan zijn dat Kurt daar een rol in gespeeld heeft natuurlijk. Adolfo is een hartelijke enthousiaste man, die ons het terrein laat zien, belooft met ons te gaan kanoën en de 'frog tour', de cayman tour' en de 'hummingbird garden' van harte aanbeveelt.
Even later arriveert er een buslading Duitse toeristen en die eisen zijn aandacht volledig op. De groep heeft net een 'cayman tour' gedaan. Een enkele  kaaiman gezien, dat wel, maar een tam exemplaar dat zo ongeveer met de hand gevoerd werd. De frog tour, die wij bij Adolfo boeken, blijkt van hetzelfde gehalte. Daar zijn we wel op voorbereid, overigens. Een  Canadees echtpaar heeft de tour de avond daarvoor gemaakt en waren toch enthousiast over de fotografische mogelijkheden. 'But you do need a strong torch'! Zij zijn zo vriendelijk om ons hun eigen spotlight mee te geven, die genoeg licht geeft om de meeste levende wezens die we gaan tegenkomen, volledig te verblinden. In het duister vertrekken wij naar een huisje in het dorp, waarnaast een vijver ligt, omringd door dichte begroeiing. Daar vinden wij inderdaad enkele kikkertjes, maar daarna haalt de lokale bewoner uit een paar kweek vijvertjes de ene na de andere Costaricaanse gifkikker en zet die op een plant neer om gefotografeerd te worden. Het wordt ons nu duidelijk hoe al die prijswinnende National Geographic kikkerfoto's gemaakt worden. Leuk is het wel en het zijn adorabele diertjes. Onwaarschijnlijk klein en heel fotogeniek.







De lodge is toch een goede plek voor foto's want de voedertafels worden elke ochtend voorzien van een tros bananen, wat een keur aan vogels aantrekt. Papegaaien, kleine, felgekleurde Honeycreepers de wat futuristisch ogende Oropendola's. De Toekans echter, zijn onbetwist de mooiste. Ze komen zo dichtbij dat ik meestal een paar stappen achteruit moet om ze helemaal op de foto te krijgen.
De meeste gasten komen hier dan ook voor deze vogels. Zo ook de Chinese Amerikaan uit California, die enthousiast vraagt naar mijn camera en zijn eigen succes opnames laat zien. Hij stelt zich beleefd voor, maar negeert daarbij volkomen mijn echtgenote, die 20 centimeter naast mij staat. Dichterbij hoeft niet voor ons. Ook bij de tweede keer dat we hem tegenkomen, keurt hij haar geen blijk waardig. Integratie is kennelijk niet alleen bij ons een probleem.....






30 Jan 2019

Costa Rica deel 1

Het is elf uur vliegen naar Costa Rica. Gelukkig vult het KLM toestel zich met een bonte mengeling van passagiers, dus afleiding zat. Aan de andere kant van het gangpad is een spaanstalig echtpaar neergestreken. Hij draagt een t-shirt met een ongestreken portret van Bolsonaro, de onlangs beëdigde president van Brazilië. Een purser blijft bij hem staan op zijn controlerondje en trekt een wat zorgelijk gezicht. Dat snap ik wel. Ik maak me ook weinig illusies over de toekomst van het regenwoud. Het gaat de purser echter om iets  anders. Hij wijst op de meegenomen wijnflesjes in de stoelzakken van het stel.' No alcohol, sir. You have to give the bottles to me.' Bolsonaro verstaat zo te zien geen Engels, maar het gebaar van de purser is duidelijk, dus overhandigt hij de flesjes. ' The first few hours no alcoholic drinks', zegt de purser streng.' Do you understand.' Een stewardess, die de Spaanse taal machtig is, komt het één en ander verduidelijken en het echtpaar knikt gelaten. Dat gaan geen Flying Blue klanten worden, vrees ik. Als een uurtje later de maaltijd geserveerd wordt bestelt Bolsonaro overigens met droge ogen twee bier. De stewardess kijkt hem vernietigend aan en zet jus d' orange neer. Hij neemt hoopvol een slok, maar begrijpt meteen dat de wodka ontbreekt. Dan is elf uur wel weer lang.

Na een nachtje in San Jose, vertrekken we met de afgeleverde huurauto naar Sarapiqui. De chaotische verkeersdrukte van de stad ligt gelukkig snel achter ons en een kleine drie uur later melden we ons bij de receptie van de Selva Verde lodge. Wij krijgen vriendelijke, doch besliste instructies over het parkeren, de maaltijden en de mogelijke activiteiten en tevens krijgen we een armbandje met ons kamernummer, dat we gedurende ons verblijf moeten dragen. Dat voelt gelijk wel een beetje alsof we in een strafkamp terecht gekomen zijn. We zien ook mensen met een blauw armbandje. Hun straf zit er waarschijnlijk bijna op en zij mogen onder begeleiding een weekend met verlof. Op proef natuurlijk. Heel voorzichtig want voor je het weet loop je weer met oranje.

 





Voor het restaurant is een voedertafel voor de vogels, waar in de ochtend een voorraad bananen op gegooid wordt. Dat trekt een aantal mooie vogels aan. En vogelaars, uiteraard. Veel Amerikanen, maar ook Fransen en zelfs een paar Chinezen. Met een Amerikaans stel uit Colorado gaan wij in het donker op zoek naar kikkers. Gifkikkers, dat wel. Maar met prachtige ogen.