20 Feb 2018

Namibië deel 8 - De laatste dagen

Geheel onstpannen zitten wij op ons terras van de kleinschalige Mobola Lodge en bespreken de plannen voor de volgende dag. Opeens wordt er luid gegild door één der onschuldige reizigers, die vervolgens bovenop de stoel klimt en naar beneden wijst. Een fikse slang heeft zich laten vallen uit de balken van het rieten dak en is vlak naast ons terechtgekomen. In zijn bek heeft hij een forse boomkikker, waarmee hij haastig de beschutting van de bomen opzoekt. Als onze hartslag weer tot aanvaardbaar tempo is gezakt, maak ik nog gauw een foto voor de nabestaanden. Later horen wij dat het om een niet-giftige ‘bush snake’ ging. Nou ja, het kan niet altijd een cobra zijn en we hebben toch de insteek met een meerderheid van de reizigers weer thuis te komen.





Zo zijn we dan in onze laatste week aangeland. In Namibië althans. We laten de Okavango rivier achter ons en rijden naar het Waterberg Plateau National Park, een kleine 400 kilometer ten noorden van Windhoek. Vanwege de lange rit hebben we halverwege een overnachting geboekt in Roy’s Restcamp. Roy blijkt dood te zijn. Een een flink aantal jaren al. Vandaar ‘Restcamp’ waarschijnlijk. Het onderkomen is prima voor een nachtje. Het ontwerp van de huisjes lijkt weliswaar gebaseerd op de kist van Roy, maar er staat een goed bed en met de maaltijd in het restaurant is niets mis. 
Muggen zijn er gelukkig nauwelijks, maar we worden wel af en toe geteisterd door vliegjes, die steevast kleverig op hoofd en armen blijven landen. We vermoeden het al, maar als één van ons het nazoekt in de insectengids, blijkt dat het inderdaad gaat om Kleine Kutvliegjes (Omniflixus Vaginalus). Een irritante soort, die helaas nog niet op de rode lijst staat. Voor de vogelaar heeft het kamp één grote specialiteit, de ‘Black-faced Babbler’, die bijna nergens anders in Namibië te zien is. Ik ben de volgende dag dan ook vroeg uit de veren om op zoek te gaan. Nog voor het ontbijt heb ik hem te pakken. Niet de meest kleurrijke vogel, maar een mooie voor de lijst. De kleuren krijg ik wel voorgeschoteld van een prachtige glansspreeuw





Ons onderkomen bij het Waterberg gebied is van een geheel ander kaliber. De badkamer is zo groot dat de wandeling naar de douche al een avondvullende bezigheid is. Voor mij dan. Goudkleurige kranen bij de dubbele wastafel en een complete kastenwand met spiegel in de slaapkamer.  Het mooiste echter is ons terras, dat uitzicht biedt op een kleine ‘waterhole’ en op de rotswanden van het Waterberg plateau in de verte. Een stuk of wat uiterst comfortabele stoelen staan garant voor een aantal ontspannen uurtjes. Dergelijke stoelen zijn we nog niet eerder tegengekomen. We kunnen ook een ‘game drive’ doen over het uitgestrekte gebied dat tot het domein van de lodge behoort. Met sundowner bij de Hippo Lake. We zien heel wat verschillende antilopensoorten, zoals de zeldzame Lechwe, die we al eerder in het watergebied bij de Okavango zagen. Heerlijk..





Over de bouw van de open safari auto is goed nagedacht. Er zijn twee bankje achterop, elk plaats biedend aan twee of drie gasten. Op het dak van de cabine is een rek geplaatst, zodanig dat de balk precies op ooghoogte van de safarigangers zit. Op deze manier word je niet afgeleid door dieren, die zich voor de auto bevinden en kun je geheel concentreren op het wild dat geheel onverwacht naast de auto opduikt. 
Bij de Hippo Lake aangekomen legt onze gids een paar balen gras aan de oever neer, speciaal voor dit doel meegenomen. Vaak komen dan de nijlpaarden het water uit om zich tegoed te doen aan deze gratis maaltijd, maar deze keer niet. Ze lijken nerveus en de reden wordt snel duidelijk. Aan de andere kant van het meer drijft een dode nijlpaard. Volgens onze gids de ‘moeder’ van de groep. Al sinds haar jonge jaren een goede bekende van alle medewerkers van de lodge en de verslagenheid is dan ook groot. 
Niet alles is somber deze dag. De schitterende bijeneters brengen weer wat kleur in de game drive en opnieuw zien we een grote verscheidenheid aan dieren. 



Eén van de soorten die we nog nergens hebben kunnen bewonderen is de eland antilope, de grootste antilope van  Afrika. We zijn dan ook blij verrast als we er die avond eindelijk één te zien krijgen. Weliswaar als deel van het hoofdgerecht, maar we kunnen hem van heel dichtbij bekijken. Hij doet het prima in de goulash.
En dan is het opeens de laatste dag van onze rondreis door Namibië. We leveren onze, ietwat gehavende, Toyota in, verkopen de gitaar terug aan het pandjeshuis, waar we hem vier weken geleden kochten en stappen in het vliegtuig. De oudste van ons reisgezelschap brengt zijn Flight Simulator ervaringen in de praktijk in de cockpit van de Airbus 300, maar desondanks arriveren we de volgende ochtend ongedeerd op Schiphol. Dertig graden kouder, maar de warmte van Namibië blijft ongetwijfeld nog lang bij ons. Fijn dat jullie mee hebben willen reizen....





No comments:

Post a Comment