15 Sep 2020

Op safari bij de vijver



In september passen wij meestal een paar weken op de boerderij van mijn zwager en schoonzus. Dat klinkt heftiger dan het is. De planten in de kas moeten water krijgen, de frambozen, tomaten en courgettes dienen geplukt en genuttigd te worden en dan is er natuurlijk de zorg voor de veestapel. Die bestaat uit 6 kippen en een haan. De haan is nieuw. Vorige jaren waren er alleen kippen en elke keer slaagden wij er in om met één kip minder te eindigen dan waarmee we begonnen. Dat weet de lokale buizerd ook en als hij onze auto herkent, komt hij alweer hoopvol boven de tuin cirkelen in het besef dat we hem zijn scharrelmaaltijd van harte gunnen. Dit jaar zouden we graag de haan daarvoor inzetten. Die heeft ooit van zijn ouders meegekregen dat de voornaamste taak van een zichzelf respecterende haan het luidkeels aankondigen van de dageraad is. Maar wanneer dat moment nou precies is, werd hem nooit helemaal duidelijk. Om elk risico dat hij te laat zou zijn uit te sluiten begint hij om 3 uur ’s nachts met de eerste serenade. Zijn harem laat hem onmiddellijk met geïrriteerd tokken weten dat de ochtend nog in geen velden of wegen gloort. Ga slapen, Hendrik! Voor de zekerheid gooit hij er ook om 4 uur, 5 uur en 6 uur een indringend kukeleku uit en tevreden begint hij aan een nieuwe dag. Als de buizerd zich later in de ochtend laat zien, wijs ik hem nog even de haan aan, maar helaas zonder succes.



Azuurwaterjuffer

Blauwe Glazenmaker




Eén van de grote voordelen van ons verblijf is dat we kunnen genieten van een immens grote, fantastisch aangelegde tuin. Met een vijver, die door bloemen omzoomd wordt en dus als een magneet werkt op vlinders en libellen. Nu we geen jaarlijkse safari-trip in het vooruitzicht hebben vanwege de Corona pandemie, biedt de vijver een onverwacht alternatief. Eerst even over de libellen. De meest voorkomende is de zogenaamde Bruinrode Heidelibel. Geen heide te bekennen hier, maar botanisch zijn libellen niet sterk. Merkwaardig genoeg zien we deze libelle meestal in een tandem opstelling boven het water scheren. 





Het lijkt mij niet de meest economische manier van vliegen, maar kennelijk hoort dit bij het voortplantingsproces. Het achterlijf van het mannetje grijpt het vrouwtje achter de kop vast en vervolgens zwiept hij haar steeds weer naar het wateroppervlak, waar zij haar eitjes afzet. Het lijkt mij een goede zaak als ze eens om de tafel gaan zitten en met een vrouwvriendelijker variant op de proppen komen, maar gezien het aantal koppels dat deze procedure dagelijks tentoonspreidt, lijkt dat nog ver weg.





Dan komt het safari gevoel echt tot leven. In de vijver huizen heel wat kikkers en zij zien dit hele libelle spektakel met hongerige blik aan. Precies zoals leeuwen in Afrika zich verbergen bij een drinkplaats om een argeloze antilope te verschalken, posteren de kikkers zich tussen het riet aan de oevers van de vijver. Als de dansende libellen zich te dicht in de buurt wagen springt de kikker met opengesperde bek naar voren om het jonge paar te grijpen. Het scoringspercentage is helaas niet heel hoog. Als de leeuw net zo weinig efficient zou zijn in zijn jachtmethode, zou hij al van honger omkomen lang voordat wij hem hebben laten uitsterven. Van de 263 sprongen die ik tijdens ons verblijf heb geteld was er één raak. Daar zit de kikker niet zo mee. Na elke vergeefse plons, peddelt hij weer welgemoed naar de kant om te gaan wachten op een nieuwe kans. Met zo’n instelling kom je een heel eind.




Behalve de leeuw hebben we nog meer Afrikaanse taferelen in de vijver. Als een libelle per ongeluk in het water terechtkomt, is hij algauw kansloos. Zijn vliesdunne vleugels worden nat en te zwaar om nog mee te kunnen opstijgen. Hij spartelt wanhopig en creëert wijd uitlopende rimpelingen. Dat trekt de lokale hyena aan. In dit geval een Schaatsenrijder. Niet uit de kernploeg, maar uit de wantsenfamilie. Zolang de Azuurwaterjuffer nog stevig tekeergaat blijft hij op afstand, maar uiteindelijk zal hij zich vastbijten in het weerloze insect en het langzaam leegzuigen.


Azuurwaterjuffer en Schaatsenrijder



Wreed, maar ik kom niet tussenbeide. Ik heb van David Attenborough geleerd dat je nooit moet ingrijpen. Wel fotograferen natuurlijk, want daarom ga je op safari. Zelfs bij de vijver.


1 comment:

  1. Hartstikke leuk en leerzaam verhaal, Peter. Met de jou zo eigen humor.

    ReplyDelete