Posts

Posts uit 2018 weergeven

Gambia, slot

Afbeelding
Een middagwandelingetje met z’n tweeën is nog niet zo simpel in Gambia. We willen eerst op de eerder genoemde Kotu bridge een half uurtje staan om IJsvogels te fotograferen. De daar rondhangende gidsen van de Gambia Bird Association hebben andere ideeën. Er schuift er gelijk één naast ons, die zich voorstelt. Vervolgens begint hij ongevraagd allerlei vogels aan te wijzen. ‘Have you seen the Western Reef Heron over there?’ Ja die hebben we gezien en ik richt mijn lens op een mooi zittende Pied Kingfisher. ‘And that is a Pied Kingfisher’, klinkt het links van mij. ‘You’re kidding’ zeg ik terug en leg uit dat we gewoon even samen hier willen staan om te fotograferen. ‘No problem, no problem’ Hij loopt weg, maar onmiddellijk klampt nummer twee ons aan. ‘You German?’, vraagt  hij. Hij weet het nog niet, maar zijn kansen op een kortlopend contract zijn zojuist met 90 % gedaald. Op die manier moeten we de één na de andere gids van ons af praten. Zelfs Bax, waar we eerder een wandeling mee

Gambia, deel 4

Afbeelding
Wij besluiten om buiten de deur te gaan eten. Een klein restaurantje verderop, waar ‘traditional Gambian food’ wordt aangeboden.  We kiezen na enig overleg voor het Domoda gerecht. Volgens de beschrijving gestoofd vlees in een soort pindapuree, geserveerd met rijst. De rijst is zonder meer het beste deel. De Gambiaanse kok is ongetwijfeld vol goede moed begonnen aan het stoven van de runderstukjes, maar heeft al gauw begrepen dat het een kansloze zaak was. Dat kauwen de toeristen verder wel weg, denkt hij, terwijl hij wat flauwe pindabrij over het gerecht gooit om de taaie brokken enigszins te verhullen. Met een brede glimlach zet de serveerster de  maaltijd voor ons neer. Gelukkig is het niet veel.  De volgende ochtend is mijn darmstelsel geheel van streek. Ondanks de medicatie valt onze ‘long half day’ met de gids niet vol te houden en ik vraag hem ons terug te brengen naar ons hotel. Hij beschouwt dat als een persoonlijke nederlaag en staat er op dat ik eerst nog de Greyish Eagle

Gambia, deel 3

Afbeelding
Vanuit Nederland heb ik al een gids geregeld voor onze derde dag in Gambia. Wij hebben hem geboekt voor een ‘full day birding’. Om half acht staat hij klaar bij de receptie. Om niet haastig voor die tijd te hoeven ontbijten, hebben wij een ‘packed breakfast’ besteld. Daarin zitten een paar stokbroodjes met kaas en twee bakjes yoghurt. Die hoeven niet koel bewaard: ook bij 30 graden Celsius blijven ze buiten de koelkast goed tot 2025. Heerlijk! Onze gids, Musa, heeft zelf geen vervoermiddel, dus heeft hij een auto met chauffeur geregeld. Een stoere 4-wheel drive met even stoere bestuurder. Onze bestemming is Kartong, een plaatsje dichtbij de grens van Senegal. Dat is minder ver dan het lijkt. Of je nou naar het noorden of zuiden rijdt, je komt altijd binnen afzienbare tijd bij Senegal uit. Gambia is eigenlijk niets meer dan een strook land aan weerszijden van de rivier en wordt geheel omsloten door Senegal.  Musa blijkt niet alleen een uitstekende vogelgids te zijn, hij is o

Gambia, deel 2

Afbeelding
Bax staat keurig om half vier te wachten bij de receptie van het hotel voor onze ‘guided walk’. Die begint bij Kotu Bridge, op een paar honderd meter afstand. Een bruggetje over de Kotu Creek, waar bij het juiste tij altijd leuke vogelsoorten te zien zijn. Het is tevens de basis voor de gidsen van de Gambia Bird Guides Association en er hangen er altijd wel zo’n 15 rond, op zoek naar klandizie. Wij zijn duidelijk al voorzien, dus worden we met rust gelaten.  De wandeling voert verder richting de ‘Sewage Ponds’. Daar wordt in een aantal bassins met enige regelmaat rioolwater gestort, hetgeen een aantrekkelijke mix van ruige begroeiing, vuilgrijs water en pittige aroma’s oplevert. En vogels, opvallend veel vogels. Wij lopen ontspannen  met onze gids over de dijkjes tussen de bassins als Bax opeens benaderd wordt door een opgewonden local, die hem op luide toon om toegangsgeld vraagt. Bax geeft geen krimp.  ‘I have been a guide for 18 years and I have never paid here!’ De bewak

Gambia, deel 1

Afbeelding
Het is maar een uur of zes vliegen naar Gambia. Een rechtstreekse vlucht vanaf Schiphol naar Banjul. Althans, daar gaan we van uit. Boven Frankrijk aangekomen echter, kijkt de piloot even op de benzinemeter en denkt: ach, ik had moeten tanken, stom, stom, stom…. Hij deelt de passagiers mee dat er een korte tussenstop gedaan wordt in Faro. Een goedkoop zelftank stationnetje, waarschijnlijk. De vrouw naast ons zit er allemaal niet mee. Zij is helemaal vol van haar eerste reis naar Afrika. ’We gaan daar wandelen met tijgers’ deelt ze ons enthousiast mee. ‘Het waren toch tijgers, Aad?’  ‘Leeuwen, schat, volgens mij zijn het leeuwen.’ Gezien het continent waar we heen op weg zijn, denken wij dat hij het bij het rechte eind heeft. Wijzelf zijn niet van plan te gaan wandelen met leeuwen. Niet vrijwillig in elk geval.  I n het hotel krijgen wij een kamer in de buurt van het zwembad. De kamers zijn eigenlijk geschakelde huisjes die verspreid in een aantal blokken in de ui

De bergen in (deel 2)

Afbeelding
Het is donderdag en de zon doet al vroeg zijn best. Zelfs de bergen in de verte, waarvan de toppen doorgaans in wolken gehuld zijn,  tonen al hun contouren. Vandaag hebben we afgesproken met een Spaanse gids op pad te gaan. Om 8 uur precies staat hij klaar bij ons huisje en stelt zich in goed verstaanbaar Engels voor. Alberto, heet hij en de meeste tijd is hij werkzaam als een soort boswachter in de Sierra de Guara, het berggebied waar wij op uitkijken. In zijn vakanties en op zijn vrije dagen klust hij bij als vogelgids. Met een brede glimlach voegt hij daaraan toe dat zijn vrouw dat niet altijd leuk vindt. Hij is net 14 dagen op pad geweest met een groep bejaarde Amerikaanse vogelaars, die al zoveel van dergelijke trips gemaakt hebben dat ze, net voor hun overlijden, nog de vijfduizendste soort willen afvinken. En daar hebben ze goed geld voor over. Ik zeg hem maar even niet wat mijn ‘life score’ is en verzeker hem dat wij blij zijn met alles wat we te zien gaan krijgen. Hij pakt het

De bergen in

Afbeelding
Wij hebben het plan opgevat om een weekje aan de voet van Pyreneeen door te brengen. De Spaanse kant, want daar hebben we eerder goede ervaringen mee opgedaan.. De rit naar het zuiden verloopt voorspoedig, zeker tot aan Parijs. We willen eigenlijk met een wijde boog om de stad heen rijden, maar de Tomtom besluit anders. Hij stuurt ons met strenge instructies de Boulevard Périphérique op, waar we ons in de Franse verkeerschaos storten. Op een gegeven moment besluit de Grote Navigator opeens dat het lonend is om de boulevard te verlaten, een paar honderd meter over een vaag stuk asfalt te rijden en vervolgens weer trachten in te voegen tussen het toeterend blik. We doen dit braaf en verlaten Parijs een tijdje later min of meer levend. Om een uur of vijf starten we de booking.com app op en zoeken een onderkomen niet te ver van de tolweg. Onmiddelijk na de bevestigingsmail worden we gebeld door de eigenaresse van het hotel. Spreek ik misschien Frans of Engels? ‘Un peu’ en ‘yes’, laat ik

Namibië deel 8 - De laatste dagen

Afbeelding
Geheel onstpannen zitten wij op ons terras van de kleinschalige Mobola Lodge en bespreken de plannen voor de volgende dag. Opeens wordt er luid gegild door één der onschuldige reizigers, die vervolgens bovenop de stoel klimt en naar beneden wijst. Een fikse slang heeft zich laten vallen uit de balken van het rieten dak en is vlak naast ons terechtgekomen. In zijn bek heeft hij een forse boomkikker, waarmee hij haastig de beschutting van de bomen opzoekt. Als onze hartslag weer tot aanvaardbaar tempo is gezakt, maak ik nog gauw een foto voor de nabestaanden. Later horen wij dat het om een niet-giftige ‘bush snake’ ging. Nou ja, het kan niet altijd een cobra zijn en we hebben toch de insteek met een meerderheid van de reizigers weer thuis te komen. Zo zijn we dan in onze laatste week aangeland. In Namibië althans. We laten de Okavango rivier achter ons en rijden naar het Waterberg Plateau National Park, een kleine 400 kilometer ten noorden van Windhoek. Vanwege de lange rit h

Namibië deel 7 - De Okavango

Afbeelding
We rijden langs de Kavango ( of Okavango) rivier naar het oosten. Waar de rivier afbuigt naar het zuiden, buigen wij mee en bereiken zo de grens van Botswana. Je moet even tijd uittrekken voor een grensovergang. Voornamelijk om een aantal formulieren in te vullen en te wachten tot een beambte tijd vindt om je te woord te staan. In het douane gebouwtje treffen wij drie loketten. Om verwarring te voorkomen zijn zij genummerd, zodat wij ons geheel volgens protocol aan loket 1 vervoegen. Eerst een formulier invullen natuurlijk. Naam, paspoortnummer, adres, bestemming, plaats van herkomst, kenteken, telefoonnummer, beroep en zo nog een aantal essentiële zaken. Niet dat er iemand kijkt wat je hebt ingevuld. Bij beroep geef ik op: ‘paedophile (retired)’ en dat is kennelijk een prima binnenkomer. Aan de overzijde van het kantoortje worden dezelfde soort formulieren ingevuld door degenen, die het land weer verlaten en de beambte pendelt rustig heen en weer tussen vertrekkende en arriverende rei

Namibië deel 6 - richting Kavango river

Afbeelding
Het laatste resrcamp dat wij bezoeken in Etosha National Park is Namutoni, in het oostelijk deel. De afstand is slechts 80 kilometer, maar er is zoveel te zien, dat we er ruim vijf uur over doen. Zo zijn daar de cheeta’s, die we plotseling langs de kant van de weg zien. Drie nogal liefst. Twee van hen lijken nog goed in staa in volle sprint een springbok te achterhalen, maar de derde is aangewezen op de vrijgevigheid van zijn metgezellen. Naar aloud gebruik binnen onze familie, dopen we hem ‘limpie’. We hopen dat hij het redt. Dat is binnen onze familie eveneens een traditionele insteek. Het Namutoni restcamp is gebouwd rond een oud Duits fort, blinkend wit in de Afrikaanse zon. In de folder lezen wij:’ 'From the walls of the fort you can enjoy an elevated view of the King Nehale Waterhole allowing for great game viewing without leaving the camp. The walls of the fort are also and excellent spot for sundowners' De realiteit is net anders. De waterhole ligt verscholen achter een

Namibië deel 5 - Etosha

Afbeelding
We laten de schoonheid van Kunene river achter ons en rijden naar het zuiden, langs dezelfde eindeloze asfaltweg. De navigatie app geeft aan dat we na 350 kilometer linksaf moeten. Dat wordt opletten. Onze tussenstop voor één nacht is het Oppi Koppi Restcamp. Het woord restcamp is wat overdreven, gezien het volume van de muziek in het restaurant. Het kamp wordt gerund door een Belgisch echtpaar, dat de carnavalstijd in het verre thuisland niet ongemerkt voorbij wil laten gaan. De huisjes zijn prima en een betere wifi dan hier zijn we nog nergens in Namibië tegengekomen. Achter een hek staren een paar struisvogels ons dreigend na, dus we eten die avond Gemsbok. Als we de volgende ochtend opstaan om onze rit te vervolgen, zijn de struisvogels losgebroken. Ze hebben kennelijk het dagmenu gezien. Achtervolgd door twee onverschrokken Jack Russels stuiven ze door het kamp tot groot vermaak van de gasten. Als de hondjes eerst gepakt zijn, worden de uitbrekers teruggelokt in binnen hun omheini

Namibië deel 4 - naar het noorden

Afbeelding
Wij vertrekken naar het noorden en verlaten de kust. Naarmate we verder landinwaarts rijden lost de zeemist op en stijgen de temperaturen. Swakopmund ligt zeker in de tropen, maar de 18 graden deed daar wat afbreuk aan.. Wij zijn geharde reizigers, dus wij klagen niet over deze winterse dagen. Ons uiteindelijke doel is de Kunene rivier op de grens met Angola, maar we maken halverwege een tussenstop in Madisa camp, midden in het prachtige, droge Damaraland. Het is hier 33 graden. Heet natuurlijk. Wij klagen weer niet. In de avond steken we de braai aan en genieten van onze maaltijd en adembenemende uitzicht. We besluiten de volgende ochtend gebruik te maken van de ontbijt optie. Eggs, sunny side up. Als we om wat toast vragen volgt een ongemakkelijke moment voor de lokale kok. ‘No bread, sorry.’ Ik lepel het zonnige eitje naar binnen. Er ligt wel een plakje tomaat bij. Op naar Kunene. Een lange rit. Wij rekenen op 550 kilometer ‘dirt road’, maar tot onze verbazing reikt het asfalt tot b